Arbitrage in de landbouw

Arbitrage in de landbouw

Binnen een agrarische- of landbouw maatschap kunnen geschillen hoog oplopen. Bij een maatschapsgeschil kan arbitrage als geschillenregeling meestal sneller voor een uitspraak zorgen dan ingeval de zaak aan de gewone rechter wordt voorgelegd, terwijl arbitrage meestal ook goedkoper is.

Binnen een maatschap kunnen geschillen hoog oplopen. Partijen zullen dan doorgaans advies van anderen inwinnen. Daarmee is de oplossing niet gegeven. Mogelijk escaleren de geschillen en zullen knopen moeten worden doorgehakt.

Wanneer partijen er niet uitkomen, kan het geschil aan de rechter worden voorgelegd. Dat kan leiden tot een lange procedure, waarbij de rechtbank in veel gevallen na een tussenvonnis deskundigen benoemd om bijvoorbeeld waarderingen te doen plaatsvinden of anderszins onderzoek te laten doen. Een en ander kan enige jaren duren en, gelet op de belangen, zal in veel gevallen ook nog een hoger beroepsprocedure volgen, wat tot verdere vertraging leidt. Al die tijd is er spanning en onduidelijkheid binnen de maatschap met alle ellende van dien. Ook kost zo’n lange procedure veel tijd en geld, terwijl de continuïteit van het bedrijf in gevaar kan komen.

Een betere mogelijkheid om te komen tot beëindiging van zo’n geschil kan zijn het toepassen van arbitrage. Ingeval van arbitrage zullen doorgaans drie mensen deel uitmaken van zo’n commissie. Een jurist en bijvoorbeeld twee vak deskundigen, zoals een accountant en een makelaar. Ook andere deskundigen kunnen deelnemen aan de arbitragecommissie. De arbitrageprocedure zal doorgaans aanzienlijk minder tijd kosten dan een procedure bij de rechtbank, ook al omdat bij arbitrage doorgaans hoger beroep is uitgesloten. Bij een arbitraal college zal vaak specifieke deskundigheid aanwezig zijn, waardoor geen nadere deskundigen hoeven te worden ingeschakeld, wat kosten bespaart.

In een aantal gevallen staat in de maatschapsovereenkomst dat geschillen aan arbiters worden voorgelegd. Maar ook wanneer in de maatschapsovereenkomst geen arbitraal beding staat, kunnen partijen alsnog voor arbitrage kiezen. Dat is ook het geval wanneer in de maatschapsakte staat dat de overheidsrechter bevoegd is. Ook dan kunnen partijen, maar dan moeten zij het daar wel nader over eens worden, ervoor kiezen om arbitrage toe te passen. Met alle voordelen van dien.

Jan van Vliet

Auteur: Jan van Vliet

e-mail: jvvliet@aens.nl
Tel: 0317 – 745 701

Praktijkgebieden
Agrarisch recht (met name pacht en maatschappen), Ondernemingsrecht en Erfrecht.

Loopbaan
Jan van Vliet startte zijn loopbaan na zijn studie Notarieel Recht en Nederlands Recht aan de VU in Amsterdam, als jurist bij de boerenstandsorganisatie de Friese CBTB te Leeuwarden. Daar was hij werkzaam tussen 1977 en 1983. Daarna was hij tot 1990 als advocaat en procureur verbonden aan het kantoor Boonstra & De Groot te Leeuwarden. In 1990 was Jan een van de medeoprichters van A&S Advocaten en nu is hij een van de vennoten.

Persoonlijk
“Ik ben een boerenzoon en een echt buitenmens. Daar ligt vanzelfsprekend mijn connectie met het agrarisch recht. In onze vrije tijd telen mijn vrouw en ik bloemen, groenten en fruit. Ik hou van wielrennen en schaatsen. Elke zomer ben ik met mijn racefiets op een col in Frankrijk te vinden. Op de schaats heb ik drie keer de Elfstedentocht uitgereden.”

Nevenactiviteiten

  • lid Vereniging Agrarisch Recht
  • bestuurslid Vereniging van Agrarisch Recht Advocaten
  • bestuurslid van een viertal instellingen/verenigingen