Planschade: normaal maatschappelijk risico ≠ risicoaanvaarding

Dat de begrippen “normaal maatschappelijk risico” en “risicioaanvaarding” niet hetzelfde zijn was al langer bekend. In recente jurisprudentie legt de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (hierna: “Afdeling”) nog eens uit hoe het zit. Normaal maatschappelijk risicio Iemand die planschade lijdt, moet dit dulden wanneer de schade binnen het normaal maatschappelijk risico valt. Anders gezegd: als de planologische ontwikkeling een normale maatschappelijke ontwikkeling is waarmee de benadeelde rekening had kunnen houden, in die zin dat de ontwikkeling niet geheel onverwacht komt, komt de schade voor rekening en risico van de “getroffene”.

Risicioaanvaarding

Men spreekt van “actieve” risicioaanvaarding wanneer iemand weet of kan weten dat een planologische verandering op handen is en (desondanks) besluit een onroerende zaak te verwerven. Men spreekt van “passieve” risicioaanvaarding wanneer iemand geen gebruik maakt van planologische mogelijkheden, terwijl hij wel weet of kan weten dat deze mogelijkheden gaan verdwijnen.

Casus

In de zaak die heeft geresulteerd in de tussenuitspraak van 29 mei 2013 en de einduitspraak van 13 november 2013 was het volgende aan de orde. Een belanghebbende had aan de gemeente Noordenveld agrarische grond verkocht, tegen overigens een prijs van ongeveer 3 maal de agrarische waarde. Op deze (en aanliggende) grond is vervolgens een bedrijventerrein gerealiseerd. De belanghebbende lijdt hierdoor planschade ter grootte van € 40.000,–. In eerste instantie besloot de gemeente dat deze € 40.000,– geheel voor rekening van belanghebbende kwam, omdat de schade anderszins was verzekerd. De gemeente verwees daarvoor naar het feit dat de belanghebbende een goede deal had gemaakt bij de verkoop van de agrarische grond. In de tussenuitspraak oordeelt de Afdeling dat deze transactie buiten beschouwing moet blijven, omdat partijen hadden afgesproken dat – kort gezegd – de gemeente de transactie in een planschadeprocedure aan belanghebbende niet “voor de voeten zou werpen”.

De Afdeling droeg de gemeente op om zich bij nader besluit uit te laten over de vraag wat de invloed was van het normaal maatschappelijk risico. Normaal maatschappelijk risico is niet gelijk aan risicoaanvaarding In het nader besluit overweegt de gemeente dat bij beantwoording van de vraag van de Afdeling niet met het bedrag van € 40.000,–, maar met een schadebedrag van € 7.500,– rekening moet worden gehouden. De gemeente is van mening dat belanghebbende realisatie van het nieuwe bedrijventerrein heeft aanvaard door grond te verkopen. De € 7.500,– is volgens de gemeente een zo lichte schadevorm dat deze geheel tot het normaal maatschappelijk risico zou hebben worden gerekend. Ook hiermee is de Afdeling het niet eens. De Afdeling stelt – naar mijn mening terecht – dat de gemeente wél van de € 40.000,– had moeten uitgaan, omdat de vraag of het risico dat het bestemmingsplan zou wijzigen is aanvaard relevant is bij beantwoording van de vraag of de planologische wijziging voorzienbaar was.

De term risicoaanvaarding heeft geen betrekking op de omvang van de schade. De Afdeling vernietigt het besluit voorziet zelf in de zaak. De Afdeling constateert dat de schadeomvang van € 40.000,– an sich niet ter discussie staat. Deze is niet anderszins verzekerd en valt niet onder het normaal maatschappelijk risico, omdat het bedrag als 5% van de waarde van het “getroffen” onroerend goed een betrekkelijk zware schade is. Belanghebbende heeft recht op € 40.000,–, vermeerderd met wettelijke rente.

Jurisprudentie: Tussenuitspraak 29 mei 2013 Einduitspraak 13 november 2013

 

Richard van Baalen

Auteur: Richard van Baalen

Email: rvbaalen@aens.nl
T.: 0317 – 425 300

Praktijkgebieden
Civiel- en bestuursrechtelijk agrarisch recht, onroerend goedrecht, algemeen bestuursrecht

Loopbaan
Richard studeerde in 2007 af aan de Universiteit Utrecht, waar hij de master Staats- en Bestuursrecht afrondde. Tijdens en kort na zijn studie was hij griffier bij de Centrale Raad van Beroep. In de twee jaren daarop volgend werkte hij bij een gemeente op de afdeling grondzaken, op het grensvlak tussen het bestuursrecht en het civielrecht. In 2010 trad Richard in dienst bij A&S Advocaten.

Persoonlijk
“Vaak zijn kwesties over Agrarisch recht of Onroerend goedrecht niet puur civiel- of bestuursrechtelijk van aard. De cliënt is er niet altijd mee geholpen om die aandachtsgebieden gescheiden te behandelen. Ik vind het mooi om cliënten een totaaloverzicht voor te kunnen houden. Dat werkt vaak verhelderend. In mijn vrije tijd lees ik graag, bijvoorbeeld over geschiedenis. Ook ben ik vaak te vinden in het bos en het buitengebied, soms op de chopper en soms op hardloopschoenen.”

Nevenactiviteiten

  • Lid Vereniging voor Agrarisch Recht (VAR);
  • Lid (aspirant) Vereniging van Onteigeningsadvocaten (VOA);
  • Lid Vereniging voor Onteigeningsrecht (VvOr);
  • Adviseur kenniswerkgroep Onteigening en Planschade (Nederlandse Vereniging van Makelaars)
  • Docent Academie voor Vastgoed / NVM SOM
  • Divers (kerkelijk) bestuurswerk.

Publicaties

  • Reactie op afwijzing van de voordracht tot vernietiging van ‘Beheersverordening Hellebeuk’ (Tijdschrift voor Omgevingsrecht, mei 2014)
  • De gebrekenregeling: invloed van de planologie – Het huur- en pachtrecht vergeleken (Tijdschrift voor Agrarisch Recht, april 2013)
  • Divers (zie ‘Blog en Nieuws’)